Jezuieten en rode modder

1492: Columbus ontdekt Amerika. Minder dan 125 jaar later, in 1607,  arriveren de Jezuiten in de diepe binnenlanden van Zuid-Amerika, het grensgebied van het huidige Paraguay, Argentinie en Brazilie. Ze stichten er 30 gemeenschappen. Ze onderwijzen de lokale bevolking onder andere in musiceren en lezen en schrijven in het Spaans, Latijn en de lokale taal.  Ze leren ze ook ambachten en Jezuiten en Guarani vormen vreedzame bloeiende gemeenschappen. Daarmee vormen ze een groot contrast met de manier waarop de overige kolonialen met de lokale bevolking omgaan: zij zien ze alleen als domme en gratis arbeidskrachten. Mede vanwege deze verschillende opvattingen moesten de Jezuiten in 1767 Zuid-Amerika verlaten.

300 jaar oud

Hier woonden ooit 3000 mensen

Van de 30 dorpen zijn overblijfselen bewaard gebleven. De afgelopen weken hebben we er een groot aantal bezocht. De ene keer loop je tussen bijna geheel door de jungle overwoekerde ruines. In de volgende staan de muren van een imposante kerk nog fier overeind, voorzien van prachtig beeldhouwwerk. Op een andere locatie zijn de bijzondere bewaard gebleven houten kerkbeelden verzameld. Weer ergens anders is het oude kerkhof van de Jezuiten opnieuw gebruikt door latere immigranten: ” hier ruht weit von seiner Heimat Tirol, Juan Brunner.” …..gestorven als 80jarige in de jaren ’60. Zijn kinderen wisten blijkbaar niet meer dat zijn doopnaam zoiets als Johan was. In ons hotel staat ‘Eisbein mit Sauerkraut’ nog prominent op de kaart. De Duitse invloed is nog overal merkbaar; we worden zelfs een keer in het Duits aangesproken.

In San Loreto hebben ze alleen maar de jungle weggehakt: heel sfeervol

Na het bezoeken van al die overblijfselen van de missies hebben we diep respect gekregen voor wat de Jezuiten en de Guarani onder moeilijke omstandigheden hebben opgebouwd. Dit stukje Zuidamerikaanse geschiedenis is trouwens fraai verfilmd in de film “The Mission”

Er moest natuurlijk wel gefietst worden van de ene naar de andere missie. We zijn van Argentinie naar Paraguay overgestoken met een veerboot die niet groter is als de pont bij Dieren. Aan beide zijden zit een ambtenaar in een piepklein kantoor om ons paspoort van verse stempels te voorzien. De douanier bij de veerpont is zeer geinteresseerd in onze Rohloff-naaf en riemaandrijving. En weet ons ook nog te vertellen dat er in de twee jaar dat hij hier werkt pas een keer eerder een fietser overstak naar Paraguay. Mooi, een onondekte route, daar houden wij wel van.

De grenspont van Corpus naar Bella Vista

We fietsen langs de zoom van Paraguay, van het uiterste zuidoosten naar het uiterste zuidwesten. De steile heuvels in Argentinie werden aan deze kant van de rivier vriendelijke glooiende heuvels en nog later werd het zo vlak als Nederland.

Paraguay is dun bevolkt. Gevolg is dat de wegen veel minder druk zijn dan in Argentinie. En het goede nieuws voor ons: ze zijn altijd voorzien van een vluchtstrook. De geasfalteerde hoofdwegen althans. Een enkele weg is bestraat op Argentijns/Paraguayaanse wijze: met stukken steen. Die hobbelen te veel om lekker te fietsen. Alle andere wegen zijn niet verhard en veranderen bij iedere regenbui in een gigantische, zuigende, modderpoel van rood leem. Gevolg is dat het hele land bij regen tot stilstand komt. Die onverharde wegen vermijden we dus als de pest. Na een regenbui (nog in Argentinie) hebben we ervaren wat die leem met je fiets doet. En dat was dan nog maar een stukje vluchtstrook langs de asfaltweg. En dan helpt zelfs niet meer dat ze bij Santos een enorme ruimte laten tussen buitenband en spatbord.

Echte Argentijnse klinkertjes

Al zit er tien centimeter ruimte tussen spatbord en band. Hier is niks tegen bestand.

Veel grote veeboeren met soms wel 5000 koeien en 1000 paarden

Na te hebben genoten van al het moois van de missies in Argentinie en Paraguay verlaten we Paraguay zoals we gekomen zijn: via een (andere) nog kleinere  kleine veerpont die ons terugbrengt naar Argentinie.

In het grensplaatsje fietsen we  voor een tweede keer naar een pont. Bij het loket is grote verwarring. “Fietsers? Nee nog nooit hier overgestoken!”  Nou ja, dan betaal je maar als voetganger. De autopont vaart voor onze neus weg maar dat blijkt de bedoeling. Voetgangers (en fietsers) moeten met de ‘lancha’ een klein motorbootje oversteken.

Met de kleine pont naar Paraguay

Meer dan een uur later, de douane wilde in al onze tassen kijken, rollen we over een perfecte asfaltweg voor de tweede keer Argentinie binnen. De komende 40 kilometers is er helemaal niks, ook geen verkeer. Dan volgt de voor ons veel te drukke Ruta National 11 en kiezen wij toch maar voor een avontuurlijke route over onverharde wegen.

Bij onverharde wegen horen ook gammele bruggetjes

Aan het eind van de dag rollen we  onder veel belangstelling het piepkleine stadje General Vedia binnen. Er is een supermarktje en een gemeentelijk natuurbad in de bocht van de rivier. Met overdekte picknickbanken en een grasveldje voor de tent. De plaatselijke politie komt ons welkom heten.

Het gemeentelijk natuurbad van General Vedia

De volgende ochtend begint met een paar drupjes regen. Lekker koel vinden wij …..tot we vijf kilometer buiten het dorp compleet vast komen te zitten. Motoren keren hier om, auto’s glibberen moeizaam verder of blijven steken. Er zit voor ons niets anders op dan terug te keren naar de drukke Ruta 11. Resistencia, ons einddoel, is door die omweg van tientallen kilkometers nu onhaalbaar. Maar dierenarts Jose fungeert alsa reddende engel en geeft ons een lift naar Resistencia het, einddoel van het eerste deel van onze reis.

Met een schroevendraaier was het maar en uurtje werk om alle modder weg te steken 😉

Hoe Anja na twee stappen ineens schoenmaat 45 had.

Comments are closed