Van de puna naar de pizza

In San Antonio, een stoffig dorpje op 3775 m op de puna, hebben we twee dagen heerlijk uitgerust. Helemaal niks gedaan, behalve een taxi regelen naar de top van de hoogste bergpas van Zuid-Amerika. Wijs geworden van onze laatste poging een hoge pas op te fietsen (die was ” slechts” 4071 m) proberen we het deze keer niet eens.
Een pick-up brengt ons in no time 46 km grotendeels in haarspeldbochten omhoog, naar de top van de Abra de Acai.

inladen voor de tocht naar de top

Op 4995 m hoogte trekken we zo snel mogelijk extra kleding aan, want het is berekoud en de wind giert om de top. We genieten kort van het magnifieke uitzicht. De Salinas Grandes, waar we 7 dagen geleden langs fietsten,  zien we in de verte nog glinsteren.

nog nooit zo hoog geweest

dik aangekleed voor de afdaling

Dan beginnen we snel aan de afdaling. Het begrip woest en ledig krijgt hier voor ons nieuwe inhoud. Zover het oog reikt slechts roestbruine bergen met hier en daar een restje sneeuw of een plak ijs. Eindeloze haarspeldbochten verdwijnen in de diepte. De weg is uitgehakt in de rotsen en meteen daarnaast begint de peilloze afgrond. Aan vangrails doen ze hier niet.

geen vangrails, wel afgrond

Helemaal ledig blijkt het toch niet. Er lopen kuddes vicuñas en omdat jagen verboden is zijn ze helemaal niet schuw. Prachtige beesten!

prachtige beesten!

Het stroompje waarlangs we later afdalen steekt wel zes keer de weg over. We voeren een heel ritueel uit om de fietsschoenen droog te houden: telkens opnieuw schoenen uit, sandalen aan, riviertje door waden en schoenen weer wisselen.

zes keer natte voeten….

……maar droge fietsschoenen

De eerste dag dalen we 2000 m af en kamperen in het wild bij 4 graden celcius. Onder een boom, waarin de vogels fluiten!

Via velden vol cactussen, omgeven door geplooid rood gesteente, bereiken we Cachi. We komen weer een beetje in de bewoonde wereld. Het supermarktje heeft maar liefst twee winkelwagentjes!

cactussen en rode rotsformaties

Van Cachi dalen we in drie dagen verder af naar Cafayate. De weg is vaak weer zeer slecht, met veel wasbord en mul zand.  Als je dan ook geen uitzichten meer hebt, vaak een hele dag geen winkeltje tegenkomt voor een koel drankje, en zelfs geen honden achter de fietsen aan krijgt, wordt het in onze ogen een beetje saai. Dan is een ontmoeting met een excentrieke Duitser in een Pipovrachtwagen een welkome afleiding.

ontmoeting onderweg

De bijzondere rotsformaties van de Quebrada de Flechas maken dat afzien weer helemaal de moeite waard.

quebrada de flechas

quebrada de flechas

Op de vijfde dag afdalen waait het zo hard dat niet alleen iedere auto ons in een wolk van stof hult, maar dat de wind ook spontaan stofwolken op ons pad stuurt. Gezandstraald begroeten we het eerste asfalt in acht fietsdagen met gejuich.

hoera asfalt!

Nog 24 km over asfalt door de wijngaarden en we arriveren in Cafayate. Daar vieren we ‘s avonds in de korte broek met bier en pizza dat we in vijf fietsdagen 3400 m zijn afgedaald over deels bar slechte wegen. Hier gaan we weer bijkomen van de “ontberingen” en bedenken hoe we verder gaan.

 

Comments are closed